Damast mes
Damast mes
captionGloeiend heet
captionGloeiend heet
Vuurslag
Vuurslag
Bijtels Hamers
Bijtels Hamers
Super vonkenregen
Super vonkenregen
Odinseye Damast
Odinseye Damast
Kling
Kling
Vuur
Vuur

 

VUUR MAKEN.

 

De smid werkt met alle 4 de elementen; aarde in de vorm van steenkool, water om het vuur te temperen en het staal te koelen en lucht om extra zuurstof toe te voegen aan het vuur. Het vuur zelf is de basis van de smederij. Het werk in de smederij wordt begonnen met het ontsteken van het vuur. Dat kan met een aansteker of lucifer, maar hoe werd dit gedaan toen deze materialen nog niet werden gemaakt?

 

Er zijn verschillende technieken die gebruikt kunnen worden om vuur te maken. Op deze pagina worden enkele van deze technieken uitgelegd en zijn de materialen te zien waarmee men vroeger het vuur kon ontsteken.

 

 

 

 

Hoe ga je te werk?

Steek (indien het model vuurslag dit toestaat) een aantal vingers door de vuurslag zodat de blinkende, lange slagzijde naar buiten gericht is. Houd de vuursteen stevig in je andere hand, zodanig dat een scherp (!) randje horizontaal naar buiten gericht is. Leg daar BOVENOP een stukje tondel (verkoold textiel of tondelzwam) en houd dit met je duim op zijn plaats. Let op, het randje van de tondel moet precies gelijk liggen met de rand van de vuursteen. Maak gebruik van de rafels van het stof of de fijne vezels van de zwam. Sla nu met de vuurslag van boven naar beneden, zodat je met heel de lange zijde  precies langs het randje van de vuursteen schraapt. Je slaat dus precies haaks langs de scherpe rand. Eigenlijk moet je dit randje maar net raken, als het ware sla je een schampschot met de vuurslag langs de vuursteen. De vonken springen eraf. Enkele springen omhoog (!) en doen de tondel gloeien. Vouw dit op en rol er luchtig wat berkenbast omheen, maar wel zodanig dat het gloeiende tondel net naar buiten steekt. Blaas dan pas tegen de gloeiende tondel; de berkenbast zal gaan branden…

 

 

 

Vuurslag en vuursteen.

 

Al in de IJzertijd ( 800 v. Chr.) ging men gebruik maken van de vuurslagen om het vuur aan te maken. De vuurslag is een stuk gehard staal met een hoog koolstofgehalte. De smid heeft een vorm gesmeed waarbij er één lange zijde aan het staal zit waarmee een schampschot kan worden geslagen langs een scherp randje van een vuursteen. De vonken zullen er af springen. Een geweldige ontdekking waar we zelf in deze tijden nog steeds gebruik van maken. Denk maar aan de niet al te moderne aansteker, met een klein vuursteentje waarlangs een rond stalen wieltje geschraapt wordt…

 

Tondeldoos.

 

De tondeldoos is een voorloper van de aansteker of lucifer: hij dient voor het produceren van vuur. In dit doosje zitten de materialen die onze voorouders ook gebruikten als zij het vuur wilde ontsteken; een vuurslag, vuurstenen, berkenbast en twee soorten tondel. Met de stalen vuurslag kan je vonken slaan van een vuursteen.

Die vonken laat je in materiaal springen dat makkelijk gaat gloeien, ‘tondel’ genaamd. Vroeger gebruikte men hier een stukje Tondelzwam voor, een zwam die op beuken- en eikenbomen groeit. Echter is deze zoveel gebruikt dat hij in Nederland beschermd is. Als alternatief is er een variant op de tondelzwam te vinden; verkoold textiel. Als laatste heb je het materiaal nodig dat zal ontvlammen; de berkenbast., de schors van de berkenboom.

 

Pluk zelf geen Tondelzwam, hij is bijna verdwenen in Nederland. Berkenbast is wel voldoende te vinden, maar je moet wel de goede berk vinden. Dit is de Papierberk  (Betula papyrifera), die vellen witte schors loslaat. Pluk alleen voorzichtig de schors die los zit en doe dit rond oktober! Vuursteen is van nature o.a. in de mergelgrotten in Zuid-Limburg en op de Veluwe te vinden. Het verkoolde stof kan je ook zelf maken. Knip linnen of katoenen stof in kleine lapjes. Om dit materiaal te verkolen dient het in een metalen blik met een afsluitbaar deksel gestopt te worden. Maak een klein gaatje  in de boven- en onderkant. Het blik moet gelijkmatig verwarmd worden op een open vuur, hetgeen bereikt kan worden door het regelmatig van plaats te doen veranderen. Al snel komt er rook uit de gaatjes. Als de rook  bijna geheel afneemt is het proces voltooid en kan het blik uit het vuur verwijderd worden om het af te laten  koelen. Stop nu wel de gaatjes dicht met wat klei! Het stof is verkoold…

 

Marcasiet

 

Bij verschillende opgravingen uit steentijdculturen zijn stukjes marcasiet (ook wel ‘sterpyriet ’ of ‘speerkies’  genoemd) gevonden. Een bekend voorbeeld  hiervan is ‘Ötzi’ ,  een door de vrieskou gemummificeerde man uit de nieuwe steentijd, die in 1991 is gevonden in een gletsjer in de Alpen. In zijn uitrusting is een stukje tondelzwam, een vuursteen en marcasiet teruggevonden.

 

Het mineraal marcasiet bevat ijzer en zwavel en is daardoor geschikt voor het maken van vuur. Door met een scherpe rand van vuursteen langs de marcasiet te schrapen of te schampen komen vonken vrij die kunnen worden opgevangen op een hiervoor speciaal bereidde tondel. Hiervoor kan je een plakje van het vruchtvlees van de tondelzwam gebruiken, waarvan een heel fijn ‘wol’ is afgekrabd. Omdat het met de vonken lastig mikken is duurt het vaak even voordat je tondel begint te gloeien, maar soms is het de eerste keer al raak. Het werkt prettig de steen te schachten en de vonken af te schrapen omdat je dan meer controle hebt en de tondel niet wordt weggestoten.

 

Wanneer de tondel eenmaal gloeit  wikkel je dit rustig om met een dun velletje berkenbast, zodanig dat het gloeiende tondel nèt buiten het rolletje berkenbast steekt. Door tegen het tondel te blazen gaat het harder gloeien en gaan de randjes van de berkenbast branden.

 

Wil je zo lang mogelijk gebruik maken van de marcasietknol dan is het aan te raden deze geheel af te sluiten van zuurstof, aangezien anders het zwavel langzaam verdwijnt en de knol kan dan gaan afbrokkelen. Een goede manier is de knol in zijn geheel te lakken, b.v. met parketlak.

 

 

 

Vuur maken met een Lens.

 

Als het zonlicht op de lens valt, wordt het licht gebundeld (gebroken). Laat het brandpunt vallen op een vast punt op de tondel (verkoold textiel of echte tondel van de tondelzwam.) Dit geeft voldoende hitte om de tondel te doen gloeien. Wikkel losjes wat berkenbast om de gloeiende tondel heen en blaas tot dit ontvlamt. Nu kan je een vuurtje maken: eerst met hele kleine stukjes hout (snippers), en dan steeds grotere.

 

Lenzen werden vroeger veel gebruikt om vuur mee te maken. Vooral het ‘heilig vuur’ (bv. het paasvuur) werd vaak aangestoken doormiddel van een lens. In veel oude culturen, zoals bij de Vikingen, maar ook bij de oude Grieken en Romeinen, werd de lens al gebruikt.

 

WAARSCHUWING:

Berg de lens altijd goed op, op een plek waar geen zonlicht kan komen! Papier, stof, hout of ander brandbaar materiaal kan ontbranden door de lens. Laat hem daarom NOOIT zomaar ergens liggen!

 

 

 

Vuur maken met de vuurboog.

 

Er zijn verschillende methodes om vuur te maken met behulp van houtwrijving. In alle gevallen wordt er gebruik gemaakt van een zogenaamde haardblok en een pen.

Het basisprincipe van de methode met de vuurboog is dat door verschillende stukken hout langs elkaar te wrijven ‘houtpoeder’ ontstaat. Bij dit proces komt zoveel hitte vrij, dat het poeder begint te smeulen. Als er voldoende zuurstof bij geraakt, gaat de massa gloeien. Deze massa doet vervolgens de tondel gloeien die eronder ligt. Tondel is een licht ontvlambare stof, ideaal om vuur te maken. de tondelzwam, de lisdodde of verkoold stof werken allemaal.

 

De vuurboog is een gekromd stuk hout met aan beide uiteinden een stuk touw of pees geknoopt, zodat je dit om een houten pen kan spannen. Hierdoor ben je in staat de pen in het haardblok te boren, door het snel op en neer te draaien en tegelijkertijd druk uit te oefenen op de pen waardoor het onderste deel zich in het hout boort. Ik prefereer voor beide stukken hout populier, en dan wel zo dat de nerfstructuur van het haardblok en de pen haaks op elkaar staan. Geheel tegen de geijkte opinie dat je een harde houtsoort voor de pen moet gebruiken... Als bescherming voor mijn hand waarmee ik de pen omlaag duw gebruik ik een stuk been. Natuurlijk komt er wat kracht bij kijken om uiteindelijk het houtpoeder te doen laten smeulen, maar de juiste techniek is zeker zo belangrijk. Doe je dit juist dan is in een halve minuut het werk gedaan en kan je van Vonk naar Vlam gaan.

  • NAVIGATIE